I’m a half marathon finisher!

Terwijl ik dit typ, ben ik eigenlijk verbaasd hoe weinig spierpijn ik heb. Het meest heb ik nog last van mijn voeten. Die zijn sowieso erg goed in het produceren van blauwe teennagels bij het langeafstandslopen. Lang leve nagellak.
Verder heb ik een knieblessure opgelopen, die onderweg behoorlijk roet in het eten gooide.

Vrijdag arriveerde ik in het prachtige Gent, in een hotel midden in het centrum. Bewust zo geboekt, want ik wist dat de marathon zelf zou plaatsvinden aan de westkant van Gent, helemaal aan de rand, en dan zouden we in ieder geval nog iets van het centrum kunnen zien.
Vrijdagavond tuurde ik in een restaurantje naar de menukaart, allemaal heerlijke visgerechten, maar ik vond dat ik verstandig moest zijn en koos voor tagliatelle met gerookte zalm. Toch nog vis dus 🙂
Vrijdagnacht sliep ik niet zo goed. Ik kan het bed de schuld geven, m’n vent, of de lallende Gentenaren buiten, maar ik wist van tevoren al dat ik niet zo goed zou slapen. Teveel zenuwen natuurlijk.

Zaterdagochtend kwam ik een uur voor de start aan bij de sporthal, waar de start buiten en de finish binnen zou plaatsvinden. Het was lekker druk, voor m’n gevoel waren er vooral veel Gentenaren, waardoor ik me een beetje een vreemde eend in de bijt voelde. Ik zocht naar aanwijzingen voor het ophalen van m’n startnummer. Alles was prima aangegeven en voordat ik het wist, zat m’n startnummer al op m’n shirt gespeld en was ik, na een toiletbezoek, klaar voor de start!

20171028_104305

Ik sloot aan bij de 2:20 haas. Ik wist in principe al dat ik die snelheid sowieso niet ging halen, maar ik vond het niet prettig om helemaal in de achterste groep te starten. De eerste 6 kilometers liep ik prima op dat tempo, maar zakte langzaam wel terug naar een tempo wat beter bij mij paste. Het zonnetje scheen af en aan en het was best fris. Lekker.
Ik moest ondertussen wel behoorlijk nodig plassen, maar er was geen dixie te bekennen.
Vanuit m’n trainingen hield ik me aan mijn zelfbedachte 10-6-5 tactiek; Eerst 10 km lopen, dan wandelen, gelletje en water, daarna 6 km lopen, weer wandelen en gelletje en dan de laatste 5 km.
De eerste waterpost, inclusief dixies, doemde echter op bij 7 km. Ik rende zó naar binnen bij een dixie, daarna besloot ik direct een gelletje te nemen en water, aangezien ik toch al moest stoppen om te plassen.
Terwijl ik weer begin te lopen, bedacht ik hoe ik de overige afstand in zou delen, ik moest immers iets aanpassen. Het leek me een goed plan om alles in stukken van 7 km in te delen, dus dat ik mijn volgende stop zou hebben bij 14 km.
Ik was nog amper bij 8 km, toen ik ineens mijn knie voelde. Precies hetzelfde pijntje wat ik had bij mijn laatste training. Ik kon nog wel aardig doorlopen, maar merkte gaandeweg wel dat ik steeds iets minder snel ging en dat de pijn steeds iets venijniger werd.

Ondertussen veranderde de omgeving voortdurend en de ondergrond ook. We liepen afwisselend door woonwijken, langs landweggetjes, door park- en natuurgebied en zowel verhard als onverhard.
De pijn in mijn knie begon inmiddels dermate pijn te doen dat ik genoodzaakt was om stukjes te wandelen, waar ik behoorlijk van baalde. Bij iedereen die langs me liep en zei “Komaan, je kan het!” probeerde ik uit te leggen dat ik nog wel kon, maar m’n knie niet meer.
Ik zag het bord ’17 km’ in beeld komen en op dat moment zat ik op 2 uur lopen. Ik hoopte op 2:30 uur als finishtijd, dus voor zover het me nog lukte om te rekenen (heel bizar wat zo’n inspanning met je hersens doet) realiseerde ik me dat ik  mijn streeftijd nog best eens zou kunnen halen. Nog 4 kilometer in een half uur. Ja, moet te doen zijn!
Hoopvol begon ik aan het laatste stukje. Helaas, steeds vaker moest ik het lopen vervangen voor wandelen en al bij 18 km besefte ik dat ik mijn streeftijd los moest gaan laten en blij moest zijn als ik de finish al überhaupt ging halen.

Het landschap veranderde onder mijn voeten in een sportpark en tegemoetkomende voetgangers zeiden tegen me “Je bent er nu echt bijna, echt waar!”
Mochten ze dit lezen, dan wil ik graag zeggen dat zo’n opmerking echt helpt, meer dan ze waarschijnlijk zelf beseften. De laatste halve kilometer voelde ik de pijn even niet meer zo erg en kon lachend én rennend naar de finish in de sporthal, wat overigens heel leuk was, leuker dan ik verwacht had eigenlijk. Over de atletiekbaan binnenkomen, al die mensen op de tribunes, licht en muziek, het was echt wel een feestje!
2:46:41 uur was uiteindelijk mijn eindtijd. Naar de omstandigheden valt dit eigenlijk nog mee; een kwartier langer dan ik gehoopt had, en dat ondanks het vele wandelen/strompelen. Op naar de volgende halve, en dan is het streven: pijnloos en alles kunnen rennen 🙂

sportograf-111787191_lowres

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s